Vraagt: De motie vraagt de regering om te zorgen dat de armste gezinnen er niet op achteruitgaan wanneer de kinderopvang bijna gratis wordt.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat kinderopvang toegankelijk en betaalbaar moet zijn voor iedereen, maar dat ouders met een laag inkomen in het nieuwe stelsel met een vergoedingspercentage van 95,6% meer moeten betalen dan nu.
Officiële titel: Motie van de leden Moorman en Dobbe over zorgen dat de armste gezinnen er niet op achteruitgaan wanneer de kinderopvang bijna gratis wordt
Vraagt: De motie vraagt de regering om voorbereidende stappen richting een integrale kindregeling op korte termijn in te voeren, vóór het einde van het jaar een ambitieus tijdpad en uitwerking aan de Kamer te sturen en alvast uitvoeringstechnische maatregelen te treffen.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat SVB al geruime tijd pleit voor één wettelijk kader voor een integrale kindregeling, naar voorbeeld van het Vlaams Groeipakket, en dat SVB op korte termijn voorbereidende stappen kan zetten, zoals een geboorte-uitkering en een onlinegezinsportaal.
Officiële titel: Motie van het lid Flach over op korte termijn stappen zetten voor een integrale kindregeling
Vraagt: De motie vraagt de regering de mogelijkheden in kaart te brengen voor een aangescherpte arbeidseis die beter aansluit bij het daadwerkelijke aantal gewerkte uren, en de Kamer hierover vóór de behandeling van het wetsvoorstel te informeren.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat de arbeidseis in het nieuwe financieringsstelsel voor kinderopvang een ondergrens van minimaal één uur werken of studeren heeft, en dat deze ondergrens ouders met weinig en ouders met meer gewerkte uren nauwelijks van elkaar onderscheidt.
Officiële titel: Motie van het lid Ceulemans over de mogelijkheden in kaart brengen voor een arbeidseis die beter aansluit bij het aantal gewerkte uren
Vraagt: De motie vraagt de regering om in overleg met de sector te bekijken hoe innovatie en kennisontwikkeling in de kinderopvang beter geborgd kunnen worden, en om de Kamer hierover in Q1 van 2027 te informeren.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat kinderopvang belangrijk is voor arbeidsparticipatie van ouders en ontwikkeling van kinderen, dat kennisontwikkeling en scholing de kwaliteit verhogen maar niet structureel geborgd zijn, en dat de Kinderopvangraad eind vorig jaar een advies over de innovatie-infrastructuur uitbracht.
Officiële titel: Motie van het lid Biekman over betere borging van innovatie en kennisontwikkeling in de kinderopvang
Vraagt: De motie vraagt de regering om artikel 1.13 van de Wet kinderopvang voor 2028 te schrappen, zodat gemeenten eerder gezinnen met lage inkomens kunnen helpen de eigen bijdrage op te brengen, bijvoorbeeld met middelen voor de transitie naar het nieuwe financieringsstelsel.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat gemeenten vanaf 2029 ouders met lage inkomens mogen helpen met het betalen van de eigen bijdrage in de kinderopvang.
Officiële titel: Motie van het lid Moorman over artikel 1.13 van de Wet kinderopvang schrappen voor 2028
Vraagt: De motie vraagt de regering voor de richtlijnen van het begrip 'redelijke winst' voldoende ruime kaders te hanteren, zodat de sector aantrekkelijk blijft voor investeerders.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat kinderopvang in het nieuwe financieringsstelsel een dienst van algemeen economisch belang is en dat kinderopvangorganisaties voldoende rendement moeten kunnen behalen om te blijven investeren in kwaliteit, personeel en meer opvangplekken.
Officiële titel: Motie van het lid Ceulemans over voldoende ruime kaders hanteren voor het begrip "redelijke winst" om de sector aantrekkelijk te houden voor investeerders
Vraagt: De motie vraagt de regering een impactanalyse uit te voeren van het nieuwe financieringsstelsel met en zonder DAEB, met gevolgen voor opvangcapaciteit, investeringen, administratieve lasten, financierbaarheid en kosten, vóór de behandeling van het wetsvoorstel aan de Kamer te sturen.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat er geen impactanalyse is geweest en dat alleen een volledige impactanalyse inzicht geeft in de gevolgen van mogelijke alternatieven.
Officiële titel: Motie van het lid Edgar Mulder over een impactanalyse uitvoeren van het nieuwe financieringsstelsel voor kinderopvang met en zonder DAEB
Vraagt: De motie vraagt de regering de verruiming van artikel 1.13 van de Wet kinderopvang uiterlijk per 2028 toe te passen en te onderzoeken of eerdere praktische toepassing, bijvoorbeeld via een pilot, mogelijk is.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat gemeenten nu alleen onder specifieke voorwaarden de eigen bijdrage van ouders kunnen vergoeden, en dat eerdere inwerkingtreding van de verruiming technisch mogelijk is zonder dat de landelijke toeslag vervalt.
Officiële titel: Motie van de leden Biekman en Van Ark over de verruiming van artikel 1.13 van de Wet kinderopvang uiterlijk per 2028 toepassen
Vraagt: De motie vraagt de regering om alle relevante correspondentie en gespreksverslagen met de Europese Commissie over staatssteun en de DAEB-constructie bij het nieuwe financieringsstelsel voor de kinderopvang met de Kamer te delen, zo nodig vertrouwelijk.
Waarom (volgens de indieners): De motie stelt dat het kabinet de keuze voor een DAEB bij de nieuwe financiering van de kinderopvang mede baseert op informeel overleg met de Europese Commissie, en dat de Kamer moet kunnen beoordelen welke Europeesrechtelijke ruimte bestaat.
Officiële titel: Motie van het lid Van Houwelingen over relevante correspondentie met de Europese Commissie over staatssteun en de DAEB-constructie voor kinderopvang met de Kamer delen