Sterk wil de zorg anders organiseren, met meer nadruk op zelfstandigheid, ondersteuning dichtbij en beschikbare professionele zorg.
Sterk wil huishoudelijke hulp afschaffen en een eigen bijdrage voor wijkverpleging invoeren, met een vangnet voor mensen die dit niet kunnen betalen.
Sterk presenteert een mantelzorgagenda en zet een ondersteuningsteam in om gemeenten te helpen bij ondersteuning en tijdelijke vervanging van mantelzorgers.
Sterk wil tot en met 2030 290.000 geschikte woningen voor ouderen bouwen en zegt dat daarvoor voldoende geld beschikbaar is.
Sterk wil zorgfraude aanpakken met strengere controles vooraf, betere informatie-uitwisseling en extra capaciteit voor toezicht en opsporing.
Dobbe zegt dat de bezuinigingen de toegang tot zorg beperken en kosten verplaatsen naar mensen die zorg nodig hebben, en vraagt de minister om de plannen te veranderen.
Dobbe vindt het loslaten van vaste uren kraamzorg onverstandig en vraagt wat de minister doet aan beloning, wachtdiensten en marktwerking om te voorkomen dat kraamverzorgenden stoppen.
Dobbe vraagt de minister om de aangenomen motie uit te voeren die budgetplafonds uit de ggz en palliatieve zorg haalt, omdat die volgens zorgverleners leiden tot wachtlijsten en verschillen tussen verzekerden.
Dobbe vraagt extra geld voor vrouwengezondheid, waaronder onderzoek naar vrouwspecifieke aandoeningen en meer vrouwenpoli's die ook toegankelijk zijn voor vrouwen buiten ziekenhuizen.
Dobbe vraagt hoeveel zorgbuurthuizen er de komende jaren komen en wil geen eigen bijdrage voor palliatieve zorg.
Keijzer vraagt de minister om te berekenen wat hogere zorgkosten en het afschaffen van de aftrek voor bijzondere ziektekosten en huishoudelijke hulp samen betekenen voor 75-plussers met een middeninkomen.
Keijzer wil huishoudelijke hulp en ondersteuning in de Wmo houden, met een hogere eigen bijdrage voor mensen die meer kunnen betalen, en wil geen eigen bijdrage voor wijkverpleging.
Keijzer vraagt of er genoeg geld is voor 290.000 ouderenwoningen en woningen tussen zelfstandig wonen en het verpleeghuis, nu volgens Keijzer 450 miljoen euro voor verzorgingshuizen nieuwe stijl is geschrapt.
Keijzer vindt dat 100 miljoen euro voor samenwerking tussen zorgdomeinen niet uit de verpleeghuiszorg moet komen en vraagt of dit geld naar administratie en overleg gaat.
Keijzer vraagt of de minister mobiele pijnteams voor mensen die dodelijk ziek zijn landelijk mogelijk wil maken.
Bikker vraagt het kabinet vóór de behandeling van het Belastingplan duidelijkheid te geven over de aftrek voor specifieke zorgkosten en een gerichte oplossing te bieden voor mensen die onevenredig worden getroffen.
Bikker maakt zich zorgen over late zwangerschapsafbreking op sociale indicatie en vraagt de minister hoe dit kan worden voorkomen en hoe vrouwen in een noodsituatie kunnen worden geholpen.
Bikker vraagt om een maatschappelijk debat over de verhouding tussen levensvatbaarheid, abortuswetgeving en zorg bij vroeggeboorte.
Bikker vraagt de minister bij plannen voor gehandicaptenzorg te kijken naar begeleiding en steun voor mensen die meer in de samenleving gaan wonen, en naar bescherming van de meest intensieve zorg.
Bikker vraagt schriftelijke duidelijkheid over zorgopleidingen in tekortregio's, de rol van mbo en hbo en afspraken met OCW over opleidingsplaatsen.
Brenk van vraagt wat het schrappen van maaltijden uit het volledig pakket thuis betekent voor de eigen bijdrage en voor mensen die niet zelf boodschappen kunnen doen of koken.
Brenk van maakt zich zorgen over de lange tijd die de IGJ organisaties geeft om te verbeteren en dient een motie in over verbeteringstermijnen.
Brenk van vraagt of meer mensen tegen gordelroos kunnen worden gevaccineerd en of mensen die in 2027 69 jaar zijn zeker een vaccinatie krijgen.
Brenk van vraagt wat overbelaste mantelzorgers kunnen verwachten en of gemeenten geld krijgen voor voorzieningen zoals zorghotels.
Brenk van vraagt of woningaanpassingen boven €10.000 mogelijk zijn wanneer mensen geen passende woning kunnen vinden om naartoe te verhuizen.
Maeijer zegt dat de begrotingsplannen geen steun van de PVV hebben en dat de minister zich nog niet van een meerderheid heeft verzekerd.
Maeijer maakt zich zorgen over de stapeling van zorgkosten, de eigen bijdrage en het afschaffen van huishoudelijke hulp.
Maeijer vraagt of het geneesmiddelenstelsel passend is voor medicijnen voor kleine groepen patiënten en of de harde grens voor ultraweesgeneesmiddelen moet veranderen.
Maeijer vraagt om een overgangsregeling voor het kinderhospice in Barneveld en jongerenhospice Xenia, die een tekort aan financiering melden.
Maeijer vraagt hoe de minister zorgt dat met de realisatiestimulans voldoende ouderenwoningen worden gebouwd.
Dijk van vindt dat de proef met late abortussen moet worden stilgezet voor een fundamenteel debat en dient een motie van afkeuring in over de steun van de minister voor de proef.
Dijk van vraagt om onderzoek naar de achtergrond van abortussen in een zeer laat stadium, voordat wordt besloten over de proef.
Dijk van vraagt de minister een debat te organiseren over behandeling bij vroeggeboorte en wijst op de politieke rol bij besluiten over geld en zorgcapaciteit.
Dijk van vraagt waarom de minister het amendement van Bikker en Dijk van voor ondersteuning van kwetsbare vrouwen en hun kind ontraadt.
Dijk van vraagt hoe de eigen bijdrage voor wijkverpleging te rijmen is met de voortdurende onderuitputting en stelt dat de eigen bijdrage mogelijk omlaag kan.
Meijeren van vraagt waarom de minister zeker weet dat artsen zorgvuldig toetsen of bij een abortus sprake is van een noodsituatie.
Meijeren van zegt dat de toets volgens de wetsevaluaties van 2005 en 2020 niet of nauwelijks plaatsvindt en vraagt welke rol de minister heeft bij het toezicht op de inspectie.
Meijeren van zegt dat kinderen die na 23 weken worden geboren volgens medisch onderzoek levensvatbaar zijn en vraagt waarom de behandelgrens op 24 weken blijft.
Meijeren van vraagt welke plannen de minister heeft om genoeg personeel, geld en ruimte te regelen voor de opvang van kinderen die na 23 weken worden geboren.
Meijeren van vindt dat de abortusgrens moet meebewegen met medische ontwikkelingen en zegt dat abortus bij 23 weken volgens de wet niet is toegestaan.
Houwelingen van vraagt waarom de begroting steeds een daling van de apparaatskosten laat zien, terwijl de werkelijke kosten volgens de spreker jaarlijks stijgen.
Houwelingen van vraagt of de Kamer nog steeds niet kan bezuinigen op pandemische paraatheid vanwege NAVO-verplichtingen.
Houwelingen van vindt de criteria voor uithuisplaatsing te vaag en vraagt de minister inhoudelijk te reageren op voorbeelden van uitspraken van rechters.
Houwelingen van vraagt waarom Kamerleden niet bij gesprekken met jeugdbeschermingsinstellingen mogen zijn als ouders dat goedvinden, en of de wet moet veranderen.
Houwelingen van vraagt Verkuijlen waarom de VVD tegen een motie stemde over het publiekelijk afstand nemen van waarnemingen van artsen door ziekenhuisbesturen.
Claassen vraagt om een helder overzicht van de gezamenlijke gevolgen van sociale en zorgmaatregelen voor de koopkracht van alle groepen, waaronder mensen met een modaal inkomen.
Claassen stelt voor dat de regering keuzes maakt over de zorg, de kosten en de gevolgen voor mensen, zodat de Kamer daarna kan bepalen wat het kabinet moet doen.
Claassen vraagt of prijsonderhandelingen binnen het TSG kunnen vallen en of vaste termijnen en arbitrage mogelijk zijn, om werkzame medicijnen sneller op de markt te brengen.
Claassen vraagt de minister te reageren op de bijdrage van innovatie, slimme technieken en gezond eten aan langer gezond leven en de zorg.
Claassen vraagt de minister om een oordeel over een aangepast amendement over biomarkers voor het opsporen van alzheimer.
Wiersma vraagt hoe de minister erop toeziet dat afspraken over extramurale artsen worden nageleefd en vraagt om het MExA-rapport te bespreken in het overleg van november.
Wiersma vraagt hoe de minister ervoor zorgt dat medicijnen sneller op de Nederlandse markt komen en wil weten waarom andere landen met dezelfde werkwijze sneller zijn.
Wiersma vraagt wat de minister verwacht van het gesprek met VWS, OCW en tandheelkundige opleidingen over het tekort aan tandartsen, onder meer in Zeeland en Friesland.
Wiersma vraagt de minister te kijken naar mogelijkheden voor extra opleidingsplekken voor tandartsen en een plan voor een betere regionale spreiding met de Kamer te delen.
Wiersma vindt dat later kan worden gestemd over een motie die het beleid afkeurt.
Tijmstra stelt voor om geld voor ouderenzorg binnen de Wlz via de Wet DOS breder te kunnen besteden aan ouderenzorg, welzijn en ontmoeting, en dit mee te nemen in de afspraken over ouderenzorg.
Tijmstra vraagt de minister om bij de plannen voor ouderenhuisvesting ruimte te houden voor woningen waar ouderen en mensen met een beperking samen wonen.
Tijmstra zegt dat meer ruimte tussen wetten en vaste financiering nodig zijn om voorbeelden zoals Lang Leven Thuisflats sneller uit te breiden.
Tijmstra vraagt om minder administratieve lasten, zodat partijen beter kunnen samenwerken.
Tijmstra vraagt de minister of cliëntorganisaties meewerken aan de criteria voor de beoordeling van praktijktoetsen.
Westerveld vraagt hoe het kabinet rekening houdt met mensen met een beperking of langdurige ziekte en wanneer duidelijk wordt wat de gevolgen van de maatregelen voor deze groepen zijn.
Westerveld vraagt waarom nog geen keuze is gemaakt tussen de beleidsopties voor de ggz en waarom het stoppen van marktwerking in bepaalde vormen van ggz nog niet in gang is gezet.
Westerveld vraagt wanneer het doel wordt gehaald om de wachttijd in de ggz terug te brengen tot vijf weken.
Westerveld vraagt wanneer het kabinet de plannen voor intensieve gehandicaptenzorg uitvoert en wanneer er een nieuwe manier van betalen voor deze zorg komt.
Westerveld zegt dat acute ggz en spoedeisende hulp minder goed bereikbaar kunnen zijn zonder dat betrokkenen in de regio dat weten, terwijl acute ggz in het hele land beschikbaar moet zijn.
Meetelen van vraagt hoe de minister zorgt voor een gespecialiseerd team dat zorgfraude als hoofdprioriteit aanpakt en geld terughaalt.
Meetelen van vraagt of de IGJ sneller kan optreden tegen zorgfraude, omdat fraude ook kan leiden tot slechte zorg of geen zorg.
Meetelen van vraagt wie het laatste woord heeft als een arts wil afwijken van een richtlijn en wanneer medisch noodzakelijke zorg niet als passende zorg geldt.
Meetelen van vraagt wanneer de gezondheidswinst van een suikerbelasting komt en of de minister die winst wil laten zien.
Meetelen van vraagt waarom gedroogd fruit met veel suiker in de Schijf van Vijf blijft en wijst op de stijgende kosten voor mensen die boodschappen al moeilijk kunnen betalen.
Vliegenthart vraagt hoe de minister zorgt dat gemeenten geld van Kansrijke Start gebruiken om de toegang tot kraamzorg in kwetsbare wijken te verbeteren.
Vliegenthart vraagt de minister om gemeenten te verplichten aan kraamzorg in kwetsbare wijken te werken en vraagt of de toegang tot kraamzorg onderdeel wordt van de wettelijke verankering van Kansrijke Start.
Vliegenthart vraagt wat de minister denkt dat woorden over abortus doen met zorgverleners en vrouwen die voor abortus kiezen.
Vliegenthart zegt dat PRO desinformatie blijft bestrijden en opkomt voor goede abortuszorg en het recht van vrouwen om zelf te beslissen over hun lichaam.
Vliegenthart stelt voor om die avond per fractie te stemmen over de motie van afkeuring of eerst te schorsen om de mogelijkheden te bespreken.
Wendel vraagt hoe de minister ervoor zorgt dat patiënten goede informatie krijgen om samen met de arts een weloverwogen beslissing te nemen.
Wendel vraagt de minister ervoor te zorgen dat artsen rustig en begrijpelijk, zoveel mogelijk op B1-niveau, uitleg geven en dat patiënten waar mogelijk bedenktijd krijgen.
Wendel vraagt de minister om ouderen meer te betrekken bij een zorgzame samenleving en de talenten van ouderen actief mee te nemen in het beleid.
Wendel zegt dat zorg beschikbaar moet zijn voor mensen die zorg nodig hebben en dat kwaliteitsinformatie snel geregeld moet worden.
Bushoff zegt dat steun voor de VWS-begroting onzeker is en vraagt welke extra stappen de minister zet om een meerderheid te krijgen.
Bushoff stelt voor om eventueel een derde termijn te houden of het debat later te heropenen, als de plannen verder zijn uitgewerkt.
Bushoff vraagt of de minister werkt aan een langjarig programma voor onderzoek en ondersteuning voor mensen met long covid.
Bushoff vraagt of de minister het risico ziet dat mensen misbruik maken van het zorgsysteem voordat nieuwe wetten tegen zorgfraude ingaan, en of daar extra maatregelen tegen mogelijk zijn.
Bushoff stelt voor om de dinerpauze te combineren met de schorsing voor de tweede termijn van het kabinet.
Synhaeve zegt dat mensen met de meest complexe zorgvragen het langst wachten en vraagt om nu al na te denken over het landelijk invoeren van de praktijktoetsen.
Synhaeve wil de minister om input vragen voor het komende debat, zodat voorbereidingen voor wet- en regelgeving kunnen worden getroffen.
Synhaeve wil dat de 290.000 zorggeschikte woningen voor ouderen snel worden gebouwd.
Synhaeve vraagt de minister bij het geld voor ontmoeting rekening te houden met verschillende behoeften van ouderen en ook andere ontmoetingsplekken dan zorgbuurthuizen mogelijk te maken.
Synhaeve vraagt of de minister kan garanderen dat de redenen van vrouwen om voor abortus te kiezen niet worden onderzocht of geregistreerd.
Vervuurt vraagt de minister hoe mensen die thuis afhankelijk zijn van medische hulpmiddelen een voorraad kunnen aanleggen, terwijl ook wordt verwacht dat mensen noodpakketten voor drie dagen in huis hebben.
Vervuurt vraagt het kabinet om een reactie op het faillissement van Bedrocan, de enige Nederlandse teler van medicinale cannabis.
Vervuurt stelt voor om aan het einde van de eerste termijn van het kabinet te bekijken hoeveel tijd er is en hoe het debat verdergaat.